Rembrandt Harmenszoon van Rijn (1606-1669) kennen we allemaal wel, toch? Hij is een van dé grote namen uit de Nederlandse Gouden Eeuw, een echte kunstheld wiens werk nog steeds overal bewonderd wordt. Wat hem zo speciaal maakte? Zijn ongelooflijke gevoel voor licht, hoe hij emoties kon vangen, en zijn lef om te experimenteren met verf en etsen.

Zijn leven was trouwens net zo boeiend als zijn kunst, vol hoogtepunten en diepe dalen. Laten we eens dieper duiken in de wereld van deze Hollandse meester met 12 interessante weetjes.

1. Ongeëvenaard meester van licht en schaduw (chiaroscuro)

Als je Rembrandt zegt, denk je vaak meteen aan zijn dramatische gebruik van licht en donker. Die techniek heet chiaroscuro (Clair-obscur), en hij was er een absolute meester in.

Hij gebruikte het niet alleen om zijn figuren en objecten vorm te geven. Het ging hem vooral om de sfeer, de emotie en de psychologische diepte van een scène.

Door slim geplaatste lichtbronnen – vaak net buiten beeld – te laten contrasteren met diepe, bijna fluwelen schaduwen, stuurde hij jouw blik. Je kijkt precies naar wat hij belangrijk vond: de kern van het verhaal of het karakter van een persoon.

De anatomische les van Dr. Nicolaes Tulp
De anatomische les van Dr. Nicolaes Tulp

Denk maar aan ‘De anatomische les van Dr. Nicolaes Tulp’, waar de artsen oplichten tegen de donkere achtergrond. Of aan de intieme, warme gloed in veel van zijn latere zelfportretten. Dit spel met licht en donker gaf zijn werk een ongekende diepte, spanning en gevoel van nabijheid.

2. De ware naam en faam van ‘De Nachtwacht’

Zijn beroemdste schilderij, ‘De Nachtwacht’, heet eigenlijk helemaal niet zo. De officiële titel is een hele mond vol: ‘De compagnie van kapitein Frans Banninck Cocq en luitenant Willem van Ruytenburgh maakt zich gereed om uit te marcheren’. Gemaakt rond 1642.

Nachtwacht

De bijnaam ‘De Nachtwacht’ kwam pas veel later. Het doek was door oud vernis en vuil zo donker geworden dat mensen dachten dat het een nachtscène was.

Dankzij recente restauraties en onderzoek, zoals het project operatie Nachtwacht van het Rijksmuseum, weten we dat het juist een levendige scène overdag is, vol kleur en actie. Het was echt revolutionair voor die tijd, zo anders dan de stijve groepsportretten die toen normaal waren.

3. De oervader van de selfie

Lang voordat de selfie bestond, was Rembrandt al druk bezig zichzelf vast te leggen. Hij maakte bijna 100 zelfportretten in zijn leven: schilderijen, etsen, tekeningen.

zelfportret

Deze zelfportretten zijn als een soort dagboek in beeld. Je ziet hem ouder worden, van een jonge, ambitieuze knul tot een oude man getekend door het leven. Maar je ziet ook zijn buien, zijn trots, zijn twijfels, en hoe hij experimenteerde met kleding, houdingen en natuurlijk zijn schildertechniek. Het is een van de meest persoonlijke kijkjes in een kunstenaarsleven ooit.

4. Van welvaart naar schulden en faillissement

In het begin van zijn carrière in Amsterdam ging het Rembrandt voor de wind. Hij verdiende bakken met geld, trouwde rijk met Saskia Uylenburgh en kocht een prachtig, groot huis in wat nu de Jodenbreestraat is (tegenwoordig het Museum Rembrandthuis).

Maar het bleef niet goed gaan. Rembrandt gaf veel geld uit, hij was een fanatieke verzamelaar van kunst en allerlei bijzondere spullen. Misschien deed hij ook wat slechte investeringen. Tel daarbij op dat zijn latere, lossere stijl misschien niet bij iedereen meer in de smaak viel, en de schulden stapelden zich op.

In 1656 kon hij zijn schulden niet meer betalen en ging hij failliet. Zijn huis, zijn indrukwekkende kunstcollectie, alles moest verkocht worden. Hij verhuisde naar een kleiner huurhuis, maar stopte gelukkig nooit met kunst maken.

5. Meer dan alleen een schilder: meester-etser

We kennen hem vooral van zijn schilderijen, maar Rembrandt was ook een ongelooflijk goede etser en tekenaar. Hij was echt een vernieuwer in de grafische kunst.

etser

Hij tilde de etstechniek naar een hoger niveau, experimenteerde met zuur, papier, inkt en combineerde technieken voor bijzondere effecten. Zijn etsen – van Bijbelse verhalen en landschappen tot portretten – waren super populair in heel Europa en maakten hem nog beroemder. Sommige etsen, zoals ‘De Honderdguldenprent’, laten zien hoe virtuoos hij was.

6. De verminking van ‘De Nachtwacht’

Het is bijna niet te geloven, maar ‘De Nachtwacht’ zoals we die nu zien in het Rijksmuseum, is niet het hele schilderij. In 1715 moest het verhuizen naar het Stadhuis op de Dam (nu het Paleis).

Daar paste het niet op de muur waar het moest hangen. De oplossing? Gewoon aan alle kanten stukken eraf snijden! Vooral aan de linkerkant verdween een flink stuk, inclusief twee complete figuren. Hierdoor is de originele compositie, die nog levendiger was, een beetje veranderd. Gelukkig bestaat er nog een oude kopie, zodat we weten hoe het er oorspronkelijk uitzag.

7. Bescheiden afkomst, grootse ambitie

Rembrandt kwam uit een eenvoudig Leids gezin. Zijn vader was molenaar, zijn moeder kwam uit een bakkersfamilie. Geen kunstenaarsbloed dus, wat voor die tijd best ongebruikelijk was voor een schilder.

Zijn ouders zagen wel dat hij talent had. Ze stuurden hem zelfs naar de Latijnse school, wat een opstapje was naar de universiteit. Maar Rembrandt wilde liever tekenen en schilderen. Na een korte leertijd in Leiden ging hij naar Amsterdam om te leren van Pieter Lastman, een bekende schilder van historiestukken. Die invloed zie je goed terug in Rembrandts vroege werk.

8. Een levendige werkplaats vol talent

Toen Rembrandt op zijn top zat, vooral in de jaren ’30 en ’40 van de 17e eeuw, had hij een grote, bruisende werkplaats in zijn huis in Amsterdam. Het was een komen en gaan van leerlingen en assistenten.

Ze hielpen hem met opdrachten en leerden de kneepjes van het vak in zijn stijl. Sommigen werden zelf beroemde schilders, zoals Govert Flinck en Ferdinand Bol. Zo’n atelier bracht goed geld op, maar het zorgt er nu soms voor dat kunstkenners twijfelen: is dit werk echt van Rembrandt zelf, of van een van zijn super getalenteerde leerlingen?

9. Getekend door persoonlijk leed

Achter het succes van de kunstenaar ging veel persoonlijk verdriet schuil. Rembrandt en zijn vrouw Saskia kregen vier kinderen, maar drie stierven al heel jong. Alleen zoon Titus bleef leven.

Maar toen sloeg het noodlot weer toe: Saskia overleed in 1642, waarschijnlijk aan tbc, vlak na de geboorte van Titus.

Later kreeg Rembrandt een relatie met Hendrickje Stoffels. Ze kregen samen een dochter, Cornelia. Maar ook Hendrickje stierf jong, in 1663. En alsof dat nog niet genoeg was, overleed zijn zoon Titus in 1668, maar een jaar voordat Rembrandt zelf stierf. Al dit verlies zie je misschien wel terug in de diepe emotie en de blik naar binnen in zijn latere werk.

10. Pionier met dikke verf (impasto)

Rembrandt was een echte uitvinder als het op verf aankwam. Vooral later in zijn leven ging hij heel vrij en dik schilderen. Dat noemen we impasto.

impasto

Hij smeerde de olieverf er soms dik op, met brede streken van zijn penseel, een paletmes of misschien zelfs met zijn vingers. Die dikke klodders vangen het licht op een speciale manier, waardoor stoffen, huid, of sieraden er bijna levensecht en tastbaar uitzien.

Het gaf zijn werk een enorme levendigheid, ook al was het heel anders dan de fijne, gladde schilderstijl die toen populair was. Je ziet het goed in schilderijen als ‘Het Joodse Bruidje’ en zijn indrukwekkende late zelfportretten.

11. Revolutionair in groepsportretten

Rembrandt zette de wereld van het groepsportret op zijn kop. Vroeger waren dat vaak saaie, statische rijtjes mensen die allemaal netjes de kijker aankeken.

Met ‘De anatomische les van Dr. Nicolaes Tulp’ (1632) deed Rembrandt iets totaal anders. Hij maakte er een levendige scène van, met figuren die echt met de les bezig zijn, allemaal met hun eigen houding en reactie. Veel spannender!

Ook in latere groepsportretten, zoals ‘De Nachtwacht’ en ‘De Staalmeesters’ (de mannen van het Amsterdamse Lakengilde, 1662), lukte het hem om een groep mensen neer te zetten als een levend geheel, vol interactie en psychologie.

12. Een erfenis die eeuwen overspant

De invloed van Rembrandt op de kunst is gigantisch. Iedereen is het erover eens: hij is een van de allergrootste schilders en etsers ooit.

Zijn vernieuwende ideeën over compositie, licht, techniek, en vooral zijn diepe, menselijke manier van portretteren, hebben ontelbaar veel kunstenaars na hem geïnspireerd. Denk aan Goya, Van Gogh, en nog vele anderen.

Zijn werk wordt nog steeds bestudeerd en bewonderd, niet alleen om hoe knap het gemaakt is, maar ook omdat hij zo goed de universele menselijke gevoelens wist te vangen: blijdschap, verdriet, twijfel, waardigheid. Rembrandt blijft een icoon.

Rembrandt van Rijn was dus veel meer dan alleen de man van ‘De Nachtwacht’. Hij was een vernieuwer, een meesterverteller, een kunstenaar die diep in de menselijke ziel keek. Ondanks alle tegenslagen in zijn leven, bleef hij kunst maken met een ongekende passie en originaliteit. Zijn werk blijft ons, eeuwen later, nog steeds raken en inspireren. Een echte tijdloze meester.

© 2026 by groei.media kvk: 30256107